Big Blackout 2003

14-08-2003
Lettergrootte:   
New York. De stad die nooit slaapt. Waar je 24/7 een laptop kunt kopen. Waar je om half vijf ’s nachts een hamburger scoort. Waar musea niet gesloten zijn op maandag of dinsdag, maar juist extra geopend op zaterdagavond. Stel je eens voor dat in deze stad de elektriciteit uitvalt.
Donker Manhattan, foto: Eefje van der Weijden

M. en ik hadden net een bezoek gebracht aan The Cloisters, de afdeling Middeleeuwse Kunst van het Metropolitan Museum of Art. Onze boterhammen waren op en wij wilden weer naar het zuiden van Manhattan vertrekken. De metro was alleen bereikbaar via een naar urine stinkende lift. We stapten in, samen met een bejaarde Italian guy, een oude hippie en een grijzende zwarte man. Die laatste was de liftbediende. Zijn enige gereedschap was een hendel die hij naar boven en beneden bewoog. 
 
Boem. De lift schokte en stopte. Na een paar minuten viel het licht uit. Geen van ons had een mobiele telefoon op zak. De luide bel waarop de liftbediende verscheidene keren drukte, leidde niet tot enige reactie van buiten. Inmiddels waren de liftdeuren hermetisch vergrendeld om ongelukken te voorkomen – mocht de stroom plots weer inschakelen. De Italian guy herhaalde steeds in gebrekkig Engels dat we geluk hadden, omdat we slechts met vijf personen in deze lift vastzaten en niet met twintig. De oude hippie bleef maar zeggen: 'Oh God, I hope it won't be the same as in 1975, because then we are in real coocoo.' Ik kende het woord ‘coocoo’ niet en ik durfde al helemaal niet te vragen naar de betekenis. De paniek begon te knagen. Ik had vier ansichtkaarten gekocht in het museum. Aan wie zou ik mijn laatste kaarten schrijven, mocht het volledig misgaan? Ons gevoel voor tijd verdween. We vroegen ons af hoe groot de kier van de deur was en hoeveel zuurstof deze lift bevatte. Ik probeerde rustig te blijven. En adem te halen.

Na een uur – zo bleek later - hoorden we in de verte iemand roepen. Wij riepen terug. Nadat we waren bevrijd, vroeg ik de oude hippie wat hij bedoelde met de situatie van 1975. In dat jaar was de stroom gedurende 26 uur uitgevallen, vertelde hij. Ik was blij dat ik er in de lift niet naar had gevraagd.

Eenmaal buiten bleek wat er aan de hand was. In New York en wijde omgeving was de stroom uitgevallen. We moesten lopend naar huis. Na ruim vier uur kwamen we aan in Manhattan. Op de Brooklyn Bridge sloten we ons aan bij een uittocht van mensen. De stad was donker. Alleen de lichten van de auto’s en het getoeter deden grootstedelijke activiteiten vermoeden.